Printen

Aardappelschillen brengen gezonde vetten tot in ons dieet

Gent, 7 juni 2017 16:29 | Yves De Groote

Onderzoekers van de Universiteit Gent ontwikkelden een nieuwe, natuurlijke techniek om meer gezonde vetzuren in melk, kaas en rundvlees - afkomstig van meermagige dieren - op te nemen. Ze vonden de oplossing in aardappelschillen.

Algemeen bekend is dat poly-onverzadigde vetzuren, zoals omega 3, goed zijn voor ons lichaam. Ze hebben een positief effect op de cholesterolwaarden en beschermen ons zo tegen hart- en vaatziekten. Maar in ons dieet zitten er nog veel te weinig.

“Dierlijke producten zijn vaak arm aan de gezonde vetzuren”, zegt onderzoeker Frederik Gadeyne van de faculteit Bio-ingenieurswetenschappen, Universiteit Gent. “Dit kan gemakkelijk opgelost worden door meer van deze vetten te voederen aan dieren. Dat zie je soms op de verpakking staan als ‘verrijkt met Omega 3’. Dit wil zeggen dat bijvoorbeeld lijnzaad werd toegevoegd aan het diervoeder.”

Alleen dieren met één maag

“Diervoeder aanrijken met gezonde vetzuren, werkt echter enkel bij dieren met slechts één maag, zoals varkens of kippen. Bij de meermagigen zoals koeien en schapen ligt het wat moeilijker”, gaat Gadeyne verder. “De eerste maag van deze dieren is de pens. Die werkt als een soort reactorvat waarin alles wordt afgebroken door bacteriën. Dit heeft als voordeel dat ze vezelrijk voeder zoals gras kunnen verteren. Het nadeel, voor ons dan toch, is dat ook de goede vetzuren worden afgebroken. Die komen bijgevolg ook niet in het vlees en de melk terecht.”

Van aardappelschil tot voedersupplement

Om meer poly-onverzadigde vetzuren in onze voeding te krijgen, moeten we het diervoeder beschermen tegen de bacteriën in de pens van runderen of andere meermagigen. Een natuurlijke oplossing hiervoor vonden de onderzoekers in aardappelschillen: daarin zit een stof die ervoor zorgt dat de vetzuren niet afgebroken worden in de pens, en toch in vlees en melk kunnen terechtkomen.

“We kunnen deze stof zelfs uit het waswater halen van bedrijven waar aardappelen verwerkt worden, en zo een restproduct nieuw leven inblazen”, aldus Gadeyne.

De onderzoekers zetten de methode momenteel nog op punt. Het uiteindelijke doel is om een droog product te ontwikkelen dat gewoon aan het voeder toegevoegd kan worden.

Biologische techniek

“Tegenwoordig bestaan er al andere technieken om poly-onverzadigde vetzuren te beschermen”, voegt Gadeyne nog toe. “Maar daarbij worden onnatuurlijke stoffen gebruikt. De methode die wij ontwikkeld hebben, bootst een natuurlijk proces na en kan op termijn een waardig alternatief vormen met een lage impact.”