Rousselot en Nuscience Factory of the Future 2017

Vorst, 3 februari 2017 15:01 | Yves De Groote

Na Biobakkerij De Trog in 2016 zijn gisteren de agrovoedingsbedrijven Rousselot en Nuscience beloond met een Factory of the Future Award 2017 voor toekomstgerichte productiebedrijven. Jan Vander Stichele, voorzitter van FEVIA Vlaanderen en van Flanders’ FOOD hoopt voor volgend jaar op drie agrovoedingsbedrijven. Elk jaar er één bij.

Voor FEVIA Vlaanderen, de federatie van de voedingsindustrie, en Flanders’ FOOD, het innovatieplatform voor de Vlaamse voedingsindustrie, bevestigt die erkenning niet alleen dat Vlaamse voedingsbedrijven nu reeds een voortrekkersrol spelen met innovatieve fabrieken, maar ook dat verder investeren in een breed innovatienetwerk noodzakelijk is om zich te onderscheiden van buitenlandse concurrenten.

Food.be

“Dat onze voedingsproducten zo goed scoren in het buitenland heeft alles te maken met de kwaliteit, de diversiteit en de innovatie die voedingsbedrijven hier realiseren en die we promoten met “Food.be – Small country. Great food.”. Maar de concurrentie met buitenlandse producenten wordt steeds groter en het protectionisme is aan een opmars bezig”, aldus Jan Vander Stichele, voorzitter van FEVIA Vlaanderen en van Flanders’ FOOD gisteravond in The Wild Gallery in Vorst.

Boodschap goed begrepen

Vander Stichele: “In die context staan voedingsbedrijven voor een duidelijke keuze: samen innoveren of samen verliezen. Rousselot en Nuscience hebben die boodschap goed begrepen en krijgen dan ook terecht een beloning als Factory of the Future. Samen met Flanders’ FOOD stimuleren we alle Vlaamse voedingsbedrijven om hun voorbeeld te volgen en hun bedrijf klaar te stomen voor de toekomst”.

Fabrieken die water zuiveren

De Factory of the Future Awards belonen bedrijven die via 7 zogenaamde Made Different Transformaties evolueren naar fabrieken die klaar zijn voor de toekomst. Zo’n fabriek produceert duurzamer door innovatie in te zetten om minder energie en grondstoffen te gebruiken. Dat is het geval bij Rousselot, een internationale producent van gelatine voor onder andere snoepjes of zuivelproducten. Het bedrijf slaagde er de voorbije 5 jaar in om haar productievolume op te drijven en tegelijk haar energieverbruik te verlagen met 30%.

Europees competentiecentrum

De referentiefabriek van Rousselot in Gent evolueerde tot een Europees competentiecentrum waar bijvoorbeeld water uit het naburige kanaal via omgekeerde osmose wordt opgewaardeerd tot drinkwater voor gebruik in het productieproces. De fabriek doet ook actief aan waterzuivering alvorens het water (properder dan het opgepompte water) terug te lozen in het kanaal. Via innovatieve technologieën zoals membraanfiltratie gaat het energieverbruik naar beneden.

Open innovatie

Nuscience was reeds in 1998 een voorloper op het vlak van open innovatie vanuit een goed begrip van de waardeketen. Als leverancier van diervoeding en additieven voor de veevoedersector zorgt Nuscience met betere voeding voor gezondere dieren en vlees waar minder antibiotica aan te pas hoeft te komen.

Specialiteiten 

Nuscience heeft sinds 2015 een nieuwe specialiteitenfabriek in Drongen waar het premixen, concentraten, en complete voeding voor jonge nutsdieren (varkens, pluimvee en runderen) en additieven voor de diervoederindustrie produceert. Hun “slimme fabriek” doet actief beroep op technologieën uit andere sectoren waardoor ze kennis en knowhow opbouwen. Het bedrijf evolueert daardoor naar de digitale fabriek waar het loggen van elke actie de traceerbaarheid verhoogt en alle acties binnen het productieproces gekoppeld zijn.

Voortrekkers belonen

“Als speerpuntcluster van de agro-voedingssector willen we voortrekkers als Rousselot en Nuscience belonen en de hele agro-voedingssector meetrekken. Hun succes kan ook anderen inspireren om in overleg met medewerkers in te zetten op digitalisatie en automatisatie. Die evolutie naar de industrie 4.0 biedt mogelijkheden om ons nog meer te onderscheiden van andere landen. We hebben verschillende voorlopers op dat vlak en we hebben een schitterend netwerk van kennisinstellingen en sectoren die elkaar kunnen versterken. Door die krachten te bundelen kunnen we ons nog beter profileren als een topregio op het vlak van kwalitatieve en innovatieve voeding,” aldus Jan Vander Stichele.