Eerste rapport VCP 2014-2015 verschenen

Brussel, 19 november 2015 10:24 | Yves De Groote

Het Wetenschappelijk Instituut Volksgezondheid (WIV) publiceerde deze week het eerste rapport van de Nationale Voedselconsumptiepeiling 2014-2015. Hierin staan de voedingsgewoonten centraal, onderverdeeld in 13 thematieken.

De Nationale Voedselconsumptiepeiling 2014-2015 telt drie rapporten die online kunnen worden geraadpleegd. Het tweede rapport (voedselveiligheid, lichaamsbeweging en sedentaire levensstijl) is tegen eind januari 2016 gepland, het derde rapport (voedselconsumptie en inname van voedingsstoffen) tegen eind juni 2016.

Nationaal Voedings- en Gezondheidsplan

De Nationale Voedselconsumptiepeiling van 2015, uitgevoerd op verzoek van mevrouw Maggie De Block, federaal minister van Sociale Zaken en Volksgezondheid, sluit perfect aan bij het Nationaal Voedings- en Gezondheidsplan

Het eerste rapport

Het eerste rapport van de Nationale Voedselconsumptiepeiling 2014-2015 biedt een overzicht, verdeeld over 13 verschillende thematieken, van een hele reeks gegevens die te maken hebben met voedingsgewoonten in de brede zin alsook de mening van het Wetenschappelijk Instituut Volksgezondheid (WIV) over het voedingsbeleid van vandaag en morgen. Het gaat onder meer om:

  • Borstvoeding:
    Gemiddeld geven vrouwen slechts 3 maanden exclusieve borstvoeding terwijl de WGO ten minste 6 maanden aanbeveelt.
  • Antropometrie: 
    45% van de bevolking heeft een te hoge BMI (Body Mass Index). Meer dan één vierde van de bevolking (29%) jonger dan 65 jaar heeft overgewicht en 16% is obees.
  • Houding van de bevolking tegenover het eigen gewicht: 
    35% van de vrouwen en 21% van de mannen wensen gewicht te verliezen. Eén vierde van de bevolking maakt zich geen zorgen om zijn gewicht en de helft van de bevolking wenst zijn gewicht stabiel te houden.
  • Specifieke diëten:
    Bijna één op de vijf personen volgt een specifiek dieet, veelal om gezondheidsredenen maar bijvoorbeeld ook uit filosofische of religieuze overtuiging.
  • Eetstoornissen:
    4% van de bevolking is vatbaar voor eetstoornissen zoals anorexia en/of boulimie.
  • De publieke opinie met betrekking tot het voedingsbeleid:
    Bijna de helft van de bevolking (47%) is gunstig gezind tegenover de heffing van taksen op ongezonde voeding en bijna drie op de vier personen (74%) beweren voorstander te zijn van maatregelen om gezonde voeding financieel te ondersteunen.» 
    «64% van de bevolking is gunstig gezind tegenover een regulering van de voedselreclames rond junk- en fastfood gericht op kinderen.
  • De publieke opinie met betrekking tot GGO’s:
    80% van de bevolking wenst meer informatie en een duidelijke etikettering over GGO’s.
  • Bereiding en consumptie van maaltijden:
    ’s Avonds wordt er gemiddeld een half uur aan de bereiding van de maaltijd besteed, ’s morgens wordt slechts zeven minuten aan de bereiding van het ontbijt gespendeerd.»
    «Bijna vier op de vijf personen nemen minstens vijf keer per week een ontbijt.
  • Biologische producten:
    Twee derde van de bevolking geeft aan biologische producten te eten, voornamelijk fruit, groenten en melkproducten. Dit percentage is gestegen ten opzicht van 2004.
  • Voeding en familiale leefomgeving van de kinderen:
    30 tot 50% van de gezinnen kijkt naar televisie tijdens de maaltijden.»
    «85% van de kinderen heeft vrije toegang tot fruit tegenover slechts een derde tot andere tussendoortjes. 

Wetenschappelijk Instituut Volksgezondheid

De peiling, gefinancierd door de Federale Overheidsdienst Volksgezondheid en de Europese Autoriteit voor Voedselveiligheid (EFSA) en gecoördineerd door het Wetenschappelijk Instituut Volksgezondheid (WIV), is uitgevoerd in samenwerking met het Internationaal Agentschap voor Onderzoek naar Kanker (IARC, Lyon, Frankrijk) van de WGO en met de wetenschappelijke ondersteuning van de vakgroep Maatschappelijke Gezondheidkunde van de UGent.