artikel

CO2 en ammoniak meest gekozen koudemiddelen

Technologie & Techniek

Bedrijven kunnen bij de aanschaf van een koelinstallatie kiezen voor een natuurlijk of synthetisch koudemiddel. Installatiebedrijf Pool Koudetechniek in Hengelo ziet dat voedingsmiddelenbedrijven meestal kiezen voor de meest duurzame variant, een natuurlijk koudemiddel. Dat doen zij vaak niet alleen voor het milieu. Ook voor de bedrijven zelf is dit meestal de beste keuze voor de lange termijn. Koelewijn’s Haringinleggerij in Spakenburg koos voor een CO2-installatie.

CO2 en ammoniak meest gekozen koudemiddelen

“Bij het aanschaffen van een nieuwe koelinstallatie kiest zo’n negentig procent van de voedingsmiddelenbedrijven voor een duurzame oplossing, namelijk een systeem met een natuurlijk koudemiddel”, vertelt Victor Lichtenberg, commercieel manager bij Pool Koudetechniek. “Alleen bedrijven die bijvoorbeeld willen investeren in een tijdelijke koelinstallatie op een gehuurde locatie kiezen wel eens voor de goedkoopste oplossing: een synthetisch koudemiddel. Maar dat zijn echt de uitzonderingen.”

Lichtenberg vertelt dat het milieu voor voedingsmiddelenbedrijven vaak niet de enige overweging is. “De regelgeving voor synthetische koudemiddelen, zoals HFK, wordt steeds strenger. Daardoor worden deze koudemiddelen minder gebruikt en schaarser. Dat betekent dat de prijs hoger wordt. Voorheen betaalde je bijvoorbeeld zo’n 35 euro per kg HFK. Nu ligt die prijs al op 100 euro per kg. Dus mocht je een lekkage hebben, dan wordt het steeds duurder om de koelinstallatie met HFK te vullen. Bovendien is de industrie verplicht om te kiezen voor de meest duurzame oplossing, als die binnen vijf jaar terug te verdienen is. Dat betekent vaak ook dat bedrijven bij een natuurlijk koudemiddel uitkomen.”

Ammoniak of propaan

De meest duurzame oplossing is kiezen voor een natuurlijk koudemiddel. Veelgebruikte natuurlijke koudemiddelen zijn: CO2, ammoniak en koolwaterstoffen (meestal propaan). “Ammoniak wordt vaak gekozen voor de grotere installaties”, vertelt Lichtenberg. “Je kunt bij deze installaties ook kiezen voor CO2, maar ammoniak geeft een beter rendement. Vooral bij grote vrieshuizen loopt dat verschil behoorlijk op en is een installatie met ammoniak sneller terugverdiend. Het nadeel van ammoniak is dat het giftig is. Mocht je een lekkage krijgen, dan kan het zomaar gebeuren dat een hele woonwijk moet evacueren. Daarom moet je aan de Hinderwet voldoen om dit koudemiddel te mogen gebruiken. In het verleden zijn er ongelukken gebeurd met ammoniak. Toch kun je het in mijn optiek veilig gebruiken. Je kunt het vergelijken met vliegtuigrampen. Als er een vliegtuigramp is, dan komt dit meteen groot in het nieuws. Dat geldt ook voor ongelukken met ammoniak. Maar in de praktijk komen ongelukken met ammoniak of met vliegtuigen vrijwel nooit voor.”

Een ander natuurlijk koudemiddel is propaan. “Het voordeel van propaan is dat het een lage investering vergt”, zegt Lichtenberg. “Het nadeel is dat het brandbaar is. Daarom mag je het maar in een beperkte hoeveelheid gebruiken. Je ziet wel eens dat bedrijven ervoor kiezen om een kleine propaaninstallatie op het dak van een bedrijf te plaatsen. Hiermee kan bijvoorbeeld een ander koudemiddel worden gekoeld.”

Haringrokerij

Het merendeel van de voedingsmiddelenbedrijven kiest voor een koelinstallatie met het koudemiddel CO2. Koelewijn’s Haringinleggerij is een voorbeeld van een bedrijf dat begin 2018 koos voor een CO2-installatie. “Dat was absoluut niet de goedkoopste oplossing”, vertelt general manager Frans ter Haar. “We hebben daar toch voor gekozen omdat we graag een duurzaam en energieneutraal bedrijf willen zijn. Bovendien zie ik dit systeem als een veilige manier van koelen, omdat CO2 niet ontvlambaar of toxisch is.”Bij Koelewijn’s is er een grote koelcompressor geplaatst die koude CO2 produceert voor alle afdelingen in het bedrijf. “In het verleden hadden we in ons bedrijf verschillende losse koelinstallaties”, vertelt Ter Haar. “Het voordeel van één grote compressor is dat deze veel restwarmte opwekt. Daarmee verwarmen we water in een buffervat tot zo’n 60 à 70 °C. Dit water gebruiken we bijvoorbeeld voor het reinigen van het pand. Bovendien hebben we in ons proces water nodig van 30 tot 35 °C voor het ontdooien van de vis. Ook daar wordt het water uit het buffervat voor gebruikt.”

Directe expansie

Lichtenberg vertelt dat de installatie die Koelewijn’s gekozen heeft, veel voorkomt in de voedingsindustrie. “Je noemt dit directe expansie”, zegt hij. “Dit betekent dat de CO2 verdampt wordt en in gasvorm en oververhit wordt aangezogen door de compressor. Je kunt ook kiezen voor een pompsysteem dat de CO2 in een vloeibare vorm rondpompt. Daarbij moet de vloeistof eerst langs een afscheider voordat het af- gescheiden gas naar de compressor gaat. Het nadeel is dat dit systeem meer componenten bevat en daardoor duurder is in aanschaf.” Een derde optie voor voedingsbedrijven is een combinatie tussen een ammoniak- en een CO2-systeem. “Dit wordt toegepast bij bedrijven die veel koelen en veel vriezen”, zegt Lichtenberg. “Je kunt dan kiezen voor twee gescheiden systemen of systemen die met elkaar samenwerken. Het voordeel hiervan is dat de ammoniakinhoud beperkt kan blijven.”

Beter rendement

Welke ontwikkelingen zijn er voor de toekomst? “Een nieuwe technologie waar we veel van verwachten is een liquid-ejectorsysteem”, vertelt Lichtenberg. ““Dit is een complexe, nieuwe technologie die ervoor zorgt dat het oppervlak van de luchtkoelers beter benut wordt. Dit levert een rendementsverbetering op van acht tot tien procent. We zien dat deze technologie – ondanks zijn complexiteit – steeds vaker wordt toegepast. Het staat nu nog in de kinderschoenen en wordt mondjesmaat toegepast. We weten namelijk nog niet welke invloed dit systeem heeft op de compressoren.”

Daarnaast ziet Lichtenberg dat er binnen een bouwteam een steeds betere samenwerking komt tussen de warmte-installateur en de aanbieders van koelinstallaties. “Dat is belangrijk, want deze installaties werken vaak met elkaar samen. De warmte die de koelinstallatie opwekt kan elders gebruikt worden in het bedrijf. En veel bedrijven investeren bijvoorbeeld in zonnepanelen waarbij de elektriciteit voor een groot gedeelte naar de koelinstallatie gaat. Als de zon overdag schijnt dan kan het overschot aan energie in de vorm van koude in de vriescel worden opgeslagen. Dit wordt vaak toegepast als er geen energie aan het net mag worden teruggeleverd. Het is goed om daar binnen een bouwteam met verschillende specialisten over te brainstormen. Zo kom je samen tot het beste rendement en ben je van grotere toegevoegde waarde voor de klant.”

Duurzaam koelen op Food Technology Event

Duurzaam koelen is een van de thema’s op het Food Technology Event op 31 oktober in het Miele Experience Center in Vianen. Diverse sprekers gaan in op thema’s zoals:

  • Hoe blijf je problemen als gevolg van afbouw F-gassen voor?
  • Installaties met natuurlijke koudemiddelen: de meest duurzame oplossing
  • Bier duurzaam koelen

Bekijk het hele programma

Direct aanmelden 

 

 

Reageer op dit artikel