artikel

De visie van ILVO door …… Lieve Herman

Voedselveiligheid & Kwaliteit

Voor de voedingsbedrijven zit er een ware revolutie aan te komen. WGS is een doorgebroken analysetechniek waarmee micro-organismen een zeer gedetailleerde fingerprint krijgen. Ze onderscheidt organismen tot op stamniveau. Het is mogelijk over heel de wereld te volgen hoe de verspreiding van een stam gebeurde. Ook uitbraken waar de oorsprong niet van vond werd, zullen retroactief boven water kunnen komen.

De visie van ILVO door …… Lieve Herman

Problemen in voedselveiligheid gaan vaak over ziektekiemen die persisteren in een bedrijf. In lage aantallen komen ze in het levensmiddel terecht, en dat kan – eventueel sporadisch – leiden tot zieken of doden.  Tot voor kort kon men vooral de sporadische voedselinfecties niet linken aan elkaar en ook niet aan een bepaald voedingsproduct. Men kon dus niet achterhalen vanwaar de contaminatie afkomstig was.

WGS

Maar sinds men voor bacteriële kiemen vrij eenvoudig en betaalbaar de volledige genoomsequentie kan bepalen via Whole Genome Sequencing (WGS) vallen dergelijke puzzelstukken wél in elkaar. Vandaag kunnen vele van die sporadische gevallen (waaronder doden) worden terug getraceerd tot eenzelfde oorsprong en tot in de verantwoordelijke fabriek.
Men is in de onderzoekslabs overal ter wereld volop bezig met het in kaart brengen van stammen, met behulp van WGS. Hun DNA-paspoort wordt wereldwijd volledig ontrafeld.

Alle informatie komt terecht in DNA-bibliotheken, die fungeren als moleculaire encyclopedie waarmee de individuele analyses in de bedrijven worden vergeleken. Op basis van collecties van stammen uit het verleden is men ook volop actief om retrospectief gegevens te analyseren. Op deze manier wordt blootgelegd dat dezelfde ziektekiem uit eenzelfde bedrijf jarenlang aanwezig blijft en telkens opnieuw zorgt voor ziekte bij de mens. Zodoende raken niet-opgehelderde uitbraken nu wel getraceerd.

Antibiotica

Ook inzake sporen van antibiotica in voeding zijn de detectietechnieken enorm vooruitgegaan. Nu kunnen in één run 120 diergeneesmiddelen gemeten worden in 48 stalen in 2 uur tijd. Deze componenten werden in vroegere systemen niet gemonitord. Een nieuw dilemma doet zich hierdoor voor bij bedrijven. Hou ik me aan de beperktere lijst van vroegere systemen of zorg ik ervoor dat alle componenten in mijn producten afwezig zijn? Want de methode is er, betaalbaar en toegankelijk ook voor externen.

Biofilms?

ILVO doet reeds jaren onderzoek in bedrijven over welke bacteriën persisteren, op welke plaatsen, en hoe ze te bestrijden. Een hardnekkig probleem is wanneer ze voorkomen in biofilms. Deze ontstaan wanneer bacteriën zich irreversibel hechten aan een oppervlak en een beschermlaag van polymeren vormen. Daarin kunnen ze zich onverhinderd vermenigvuldigen zonder dat ze gedetecteerd worden door bijvoorbeeld ATP-tests. Zodra een hardnekkige biofilm zich heeft gevormd, zijn de bacteriën goed afgeschermd en tegen de meeste middelen resistent. Speciale acties zijn nodig om ze te vermijden en te verwijderen.

Uit ILVO-onderzoek blijkt dat er in een biofilm diverse soorten van bacteriën samenleven in een dynamisch ecosysteem. Hierin heerst ook competitie, waarbij bepaalde stammen meer of minder de bovenhand nemen. Identificatie en karakterisatie van deze species gaf aan dat er zowel sterke als zwakke biofilmvormers in kunnen voorkomen, zowel bacteriën met en zonder bederfpotentieel, en zowel ziekteverwekkers als eerdere onschuldige.

Veel nieuwe analysetechnieken

Vandaag dienen zich dus vele nieuwe analysetechnieken aan. Ze zijn betaalbaar en toegankelijk. Ik voorspel zeer grote gevolgen voor de voedingsbedrijven. Een besmetting of contaminatie die je vandaag als bedrijf misschien niet als urgent zou aanstippen, kan in de toekomst plots wel degelijk voor een ongeziene imago- en productieschade zorgen. En de verhalen komen tot bij de consument, met alle gevolgen van dien.

Rol van de maatschappij

Wees bewust van de rol van de maatschappij – en dus de consument – als nieuwe rechter van het systeem. Je kan gerust aan het wetgevend orgaan een onberispelijk rapport voorleggen, maar toch het vertrouwen van de consument verliezen bij negatieve berichtgeving. De consument accepteert mogelijks geen énkele pathogene component of geen enkele chemische contaminant in zijn voeding. Zijn oordeel zou bikkelhard kunnen zijn.

Hoe moet het dan? Wat te doen?

De nieuwe mogelijkheden voor het ophelderen van voedselinfecties moet bedrijven aanzetten om zeer alert te reageren als ze ziektekiemen in hun bedrijfsomgeving vaststellen. Primordiaal is om na te gaan of de ziektekiem op een bepaalde plaats persisteert, zich vermenigvuldigt en zo steeds opnieuw voor een besmetting zorgt.

Datadelen in de agrovoedingsketen?

Naast de informatie die u als bedrijf zelf genereert, worden er ongetwijfeld ook door andere schakels in de agrovoedingsketen data verzameld die nuttige informatie kunnen verschaffen voor u als bedrijf. Meer nog, technisch kunnen deze datastromen gekoppeld aan uw bedrijfseigen bevindingen leiden tot sterkere inzichten. Een voorbeeld is hoe een verbeterd “oorzaak-effect”-beheer en een meer onderbouwde risicoanalyse de weg kam wijzen naar accuratere, slimmere of snellere bedrijfsbeslissingen en –planningen. Geaggregeerde data kunnen op hun beurt weer nuttig zijn voor andere stakeholders.
De explosie aan toepassingen van het ‘Internet of things’ toont één ding: de waarde van data neemt toe naarmate je ze kan aanrijken en combineren met andere –verwante- datasets. Data delen creëert  een gemeenschappelijke opportuniteit voor een hele productieketen. Dat is ook zo in de agrovoedingsketen. Maar het succes is afhankelijk van de bereidheid van alle spelers om (hun) data te delen. Dat vergt een betrouwbaar ecosysteem met duidelijke spelregels.

Pioniersrol

Vlaanderen speelt hier momenteel een pioniersrol in Europa. We mogen daar trots op zijn. Het mooie is de evenwichtsoefening: er wordt rekening gehouden met de belangen van elke partij. Meer zelfs, de win/win voor alle stakeholders wordt opgezocht en gedemonstreerd.

CV

Lieve Herman

Dr. Ir. Lieve Herman is afdelingshoofd Technologie en Voeding bij ILVO, en CEO van de Food Pilot. Zetelend in het EFSA BIOHAZ panel, in het wetenschappelijk comité van het FAVV, en aan het hoofd van het voedingsonderzoek bij ILVO, heeft zij een zeer brede kijk op de evolutie en de uitdagingen voor voedingsbedrijven qua voedselveiligheid.

Tekst: Lieve Herman Beeld: ILVO

Dit artikel verscheen in editie 2 van VMT Food (thema: Reiniging, desinfectie en hygiënisch ontwerp).

 

 

 

Reageer op dit artikel