nieuws

Voedseldonaties veilige schakel in strijd tegen voedselverlies

Voedselveiligheid & Kwaliteit

Voedseldonaties veilige schakel in strijd tegen voedselverlies

Te veel voedsel gaat zomaar verloren. Onderzoek van de Gentse faculteit Bio-ingenieurswetenschappen toont aan dat niet-verkochte voedingswaren die verdeeld worden via Voedselbanken en andere liefdadigheidsorganisaties veelal van goede kwaliteit zijn. De uitdaging is een efficiënte logistiek en korte koude keten voor bederfbare producten.

Voedselbanken verdelen hoofdzakelijk niet-bederfbare producten, terwijl er hoge nood is aan meer bederfbare levensmiddelen zoals vlees, groenten en charcuterie om het aanbod volledig te maken.

De liefdadigheidsorganisaties ontvangen dergelijke levensmiddelen via verschillende kanalen. Ze maken bijvoorbeeld afspraken met lokale winkels of supermarkten voor schenkingen, kweken zelf groenten en fruit, of kopen zelf bijkomende producten aan in de reguliere voedselketen. 

Kwaliteits- en voedselveiligheidsonderzoek

Professoren Mieke Uyttendaele en Liesbeth Jacxsens van de Gentse faculteit Bio-ingenieurswetenschappen onderzochten of levensmiddelen die bij de mensen in armoede terechtkomen, nog van voldoende kwaliteit en veiligheid zijn. Daarvoor onderzochten ze gedoneerde bederfbare producten bij vier liefdadigheidsverenigingen in België die donaties doen aan mensen in armoede.

75% is nog goed

Uit de resultaten bleek dat hoewel de producten op het einde van hun houdbaarheid zaten, slechts ongeveer een kwart van de onderzochte stalen een kwaliteitsreductie ondergaan had.

Prof. Uyttendaele: “Die producten bevatten te veel gisten, schimmels of bacteriën, met als gevolg een mogelijke smaak- of geurafwijking. Bij groenten en fruit betekende dit dat de producten er wat minder smakelijk uitzagen.” Ook op vlak van hygiëne en voedselveiligheid scoorden de producten over het algemeen vrij goed.

Snel herverdelen in koude keten

“Het is van belang dat de Voedselbanken en liefdadigheidsorganisaties bederfbare producten snel genoeg weer kunnen herverdelen met behoud van de koude keten”, aldus Uyttendaele. “Dat is nodig omdat de meeste producten pas geschonken worden enkele dagen voor of op het moment dat hun houdbaarheidsdatum overschreden wordt. We zijn dan ook blij te zien dat zowel de schenkers (winkels, voedingsindustrie en veilingen) als de instanties die ontvangen en verdelen (Voedselbanken en liefdadigheidsorganisaties) de kwaliteit van hun producten goed bewaken en zo voedselverlies tegengaan zonder in te boeten aan voedselveiligheid.”

Kleine liefdadigheidsverenigingen

“We zagen dat de donatie- acceptatieketen in ons land zeer versnipperd is”, aldus prof. Jacxsens. Verschillende kleine liefdadigheidsverenigingen werken elk op hun eigen manier. Die verenigingen hebben vaak een beperkte capaciteit: ze werken met vrijwilligers en beschikken slechts over beperkte financiële middelen en infrastructuur zoals koelcellen, diepvriesopslag en gekoeld transport. En omdat ze voor de verkregen producten meestal geen bijdrage mogen vragen aan mensen in armoede, is hier weinig aan te doen.

Efficiënte logistiek niet evident

Jacxsens: “Die beperkte capaciteit heeft als gevolg dat het voor liefdadigheidsverenigingen niet evident is om een efficiënte logistiek en organisatie uit te bouwen, waardoor donoren vaak bezorgd zijn dat hun producten niet correct behandeld worden. Daardoor blijven schenkingen nog beperkt, zeker die van risicovolle producten zoals vlees- en vleeswaren. Een betere afstemming tussen het voedselverlies en de vraag naar voedselhulp zou een grote stap zijn in de armoedebestrijding en het hergebruiken van het voedselverlies”, besluit ze.

Reageer op dit artikel