nieuws

Maïsoogst 2018 weinig aangetast door mycotoxines

Voedselveiligheid & Kwaliteit

Maïsoogst 2018 weinig aangetast door mycotoxines

De maïsproductie van 2018 laat een gering contaminatieniveau qua mycotoxines zien, concludeert BFA (Belgian feed Association) uit een jaarlijks monitoringonderzoek in samenwerking met Synagra (beroepsvereniging van graanhandelaars).

“De resultaten van de naoogst analyses liggen in lijn met de resultaten van 2017”, merkt Yvan Dejaegher, directeur-generaal bij BFA, op. “Het contaminatieniveau is laag maar waakzaamheid blijft aan de orde. Goede opslagpraktijken, voldoende afkoeling en ventilatie na droging blijven dan ook belangrijk”, besluit Dejaegher.

Monitoring

De monitoring heeft als doel de aanwezigheid van mycotoxines in kaart te brengen onmiddellijk na de oogst (Early Warning). Opnieuw mocht BFA rekenen op de uitgebreide steun van haar leden. Mycotoxines zijn giftige stoffen (toxines) die door schimmels worden geproduceerd, en bij haast alle graansoorten voorkomen. Ze worden op het veld gevormd tijdens de groei van het gewas, na de oogst of tijdens de opslag. Op het veld wordt de ontwikkeling vooral gestimuleerd door factoren zoals vochtige weersomstandigheden, rassenkeuze en de bodembewerking.

Early Warning Systeem

Synagra en BFA nemen daarom extra analyses op in hun bemonsteringsplan om ook voor maïs, zo snel als mogelijk na de oogst, het mycotoxinegehalte te bepalen en op die manier eventuele problemen op voorhand in te schatten. Het Early Warning Systeem is een jaarlijks initiatief dat binnen de sector genomen wordt als toevoeging op het uitgebreide sectorale voedselveiligheidsplan. Bedoeling is om zo snel mogelijk na de oogst gegevens te verzamelen en analyseresultaten ter beschikking te stellen aan de verbruikers van maïs. Dankzij de medewerking van de leden van BFA en Synagra werden er voor 2018 in totaal 107 stalen verzameld en geanalyseerd.

Detectielimiet

Iedere analysemethode kent een eigen detectielimiet. Dit is de laagste waarde die analytisch kan worden bepaald. Uit de resultaten blijkt dat meer dan 95% van de resultaten onder de detectielimiet vallen voor zearalenon (ZEA), aflatoxine B1, fumonisine B2 en HT-2. Voor T-2 betreft dit 76% en voor deoxynivelenon (DON) 53%. Voor fumonisine B1, tot slot, kon in 34% van de stalen geen waarde boven de detectielimiet worden geregistreerd. De gehaltes die wel gedetecteerd werden boven de detectielimiet vormen geen reden tot mogelijke onrust.

Reageer op dit artikel